dinsdag 17 juni 2014

Kiest Groningen voor megastallen of voor weidegang?



Morgenmiddag heb ik om 16.30 uur de commissievergadering Bestuur, Financien en Economie. Op de agenda een heel belangrijk punt voor GroenLinks: het Groninger verdienmodel. Wat GS betreft mogen mogen melkveehouders in de provincie Groningen vanaf 1 juli uitbreiden tot een bouwblok van 4 hectare. Dat is een gebied ter grootte van 8 voetbalvelden dat vol gezet mag worden met stallen, schuren, silo's etc. Daarmee biedt Groningen net voor het opheffen van de melkquotering de melkveehouders de kans om massaal uit te breiden ( op de radio stelde men dat er al 120-150 aanvragen voor uitbreiding waren). Wel met een een duurzaamheids-score systeem zodat de melkveehouders de groei moeten verdienen. Deze duurzaamheidsscore is echter beperkt. De ammoniakuitstoot wordt aan banden gelegd, maar alleen per dier en niet in het totaal. Meer dieren leiden dus alsnog tot veel meer ammoniakuitstoot. En met het huidige verdienmodel gaan er zeker meer dieren komen. Een bouwblok van 4 hectare betekent al snel 600 melkvee en 300 jongvee. Dat gaat richting Intensieve Veehouderij en Nederland heeft al kennis gemaakt met de gevolgen daarvan. Als er in dergelijke stallen brand of een dierziekte uitbreekt, zijn de gevolgen niet te overzien.



De provincie Groningen wil koploper duurzame landbouw zijn. Maar de echte maatregelen die dat kunnen bereiken laat ze achterwege. Voor een duurzame landbouw met een prettig effect op de omgeving is weidegang pas echt een goed verdienmodel voor iedereen: niet alleen voor de boer, maar ook voor de koe, de omwonenden en het milieu. Koeien kunnen maar 2 kilometer lopen dus de boer is gedwongen om omliggend land te gebruiken als weide. De strond en urine wordt los van elkaar uitgescheiden door de koe. In de gierkelder komt dit alsnog samen met leidt tot hele giftige gassen die de boer met dure installaties in de kelder moet houden en af moet voeren. De aan en afvoer van deze mest leidt tot veel vervoersbewegingen naar elders in het land. Urine en mest op het land betekent een rijke ondergrond en natuurlijk een prachtig zicht op koeien in de wei. De meeste boeren en burgers zijn voor weidegang. zijn ook voor weidegang. 



Door weidegang als harde eis voor uitbreiding te stellen voorkomt de provincie een hoop problemen: ongebreidelde groei van rijke boeren waarbij de trend van steeds meer koeien die geen daglicht zien wordt doorbroken en megastallen als industriƫle bouwblokken zonder land of een agrarisch karakter die niet passen in het Groningse landschap. Gemeenten kunnen weidegang en de rest van het Groninger verdienmodel als voorwaarde voor uitbreiding onder de 2 hectare stellen en zo ook bijdragen aan aan de verduurzaming van de landbouw.



De keuze van de huidige coalitiepartijen van Groningen om stallen uit te laten breiden tot 4 hectare hebben we als GroenLinks niet tegen kunnen houden. Maar we kunnen wel oproepen tot een echte stap in duurzaamheid door twee dingen: 

- maak weidegang een verplicht criterium voor uitbreiding 

- laat het Groninger verdienmodel gelden voor alle uitbreidingen, ook onder de 2 hectare.

Bovendien zou het wenselijk zijn als de provincie de rust neemt om ook de handhaving en juridische basis te regelen. Een eenmaal toegestane en gebouwde stal laat zich immers niet makkelijk afbreken....

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Ik ben benieuwd wat jij er van vindt!